Obladi Oblada

1. Desmond had a barrow in the market place,
Molly is the singer in a band.
Desmond says to Molly: "Girl I like your face"
and Molly says this as she takes him by the hand.

Refrein: Obladi, Oblada, life goes on, bra, la la la how life goes on (2x)

2. Desmond takes a trolley to the jeweller's store,
buys a twenty carat golden ring.
Takes it back to Molly, waiting at the door,
and as he gives it to her she begins to sing.

Refrein:

3. In a couple of years they have built a home sweet home,
with a couple of kids running in the yard
of Desmond and Molly Jones.

4. Happy ever after in the market place,
Desmond lets the children lend a hand.
Molly stays at home and does her pretty face,
and in the evening she still sings it with the band.

Refrein:

Old MacDonald

1. OldMacDonald had a farm, hi-a, hi-a, ho!
And on his farm here he had some chiks, hi-a, hi-a, ho!
With a tock-tock here and a tock-tock there,
here a tock, there a tock, ev'rywhere a tock-tock.
OldMacDonald had a farm, hi-a, hi-a, ho!

2. OldMacDonald had a farm, hi-a, hi-a, ho!
And on his farm here he had some cows, hi-a, hi-a, ho!
With a moow-moow here and a moow-moow there,
here a moow, there a moow, ev'rywhere a moow-moow.
With a tock-tock here and a tock-tock there,
here a tock, there a tock, ev'rywhere a tock-tock.
OldMacDonald had a farm, hi-a, hi-a, ho!

3. OldMacDonald had a farm, hi-a, hi-a, ho!
And on his farm here he had some bees, hi-a, hi-a, ho!
With a bzzz-bzzz here and a bzzz-bzzz there,
here a bzzz, there a bzzz, ev'rywhere a bzzz-bzzz.
With a moow-moow here and a moow-moow there,
here a moow, there a moow, ev'rywhere a moow-moow.
With a tock-tock here and a tock-tock there,
here a tock, there a tock, ev'rywhere a tock-tock.

4. OldMacDonald had a farm, hi-a, hi-a, ho!
And on his farm here he had some ducks hi-a, hi-a, ho!
With a quack-quack here and a quack-quack there,
here a quack, there a quack, ev'rywhere a quack-quack.
With a bzzz-bzzz here and a bzzz-bzzz there,
here a bzzz, there a bzzz, ev'rywhere a bzzz-bzzz.
With a moow-moow here and a moow-moow there,
here a moow, there a moow, ev'rywhere a moow-moow.
With a tock-tock here and a tock-tock there,
here a tock, there a tock, ev'rywhere a tock-tock.

5. OldMacDonald had a farm, hi-a, hi-a, ho!
And on his farm here he had some pigs hi-a, hi-a, ho!
With a ngrr-ngrr here and a ngrr-ngrr there,
here a ngrr, there a ngrr, ev'rywhere a ngrr-ngrr.
With a quack-quack here and a quack-quack there,
here a quack, there a quack, ev'rywhere a quack-quack.
With a bzzz-bzzz here and a bzzz-bzzz there,
here a bzzz, there a bzzz, ev'rywhere a bzzz-bzzz.
With a moow-moow here and a moow-moow there,
here a moow, there a moow, ev'rywhere a moow-moow.

Op de grote stille heide

1. Op de grote stille heide
stond een jongen met zijn fiets,
maar die fiets die wou niet rijden,
in zijn voorband daar zat niets.
En terwijl hij daar zo stond,
keek hij zoekend in het rond.
Hoe ver is een fietspomp,
Hoe ver is een fietspomp, een fietspomp?

2. Op de hoge, eiken kansel
staat een preekheer in zijn hemd.
De gemeente is gaan slapen,
omdat zij 't verhaal al kent.
En hoe hard de man studeert,
niemand wordt er door bekeerd.
Hoe saai is mijn herder,
Hoe saai is mijn herder, mijn herder.

3. Op de wijde Friese baren
zat een jongen in zijn boot,
maar die boot die wou niet varen,
want de windkracht was niet groot.
En wat hem het meest verdroot:
dat het pijpenstelen goot.
Hoe ver is de haven,
Hoe ver is de haven, de haven?

4. Veel voor anderen te wezen,
veel voor anderen te zijn.
'k Zou mijn leven willen geven
om toch iets voor hen te zijn
. 'k Zou mijn eten laten staan
op de ander komt het aan.
De ander, de ander,
de ander, de ander, Mijzelf het meest!

Op een klein stationnetje

Op een klein stationnetje, 's morgens in de vroegte
stonden zeven wagentjes netjes op een rij,
zie het machinistje, draaiend aan een wieltje,
hakke-hakke-puf-puf, weg zijn wij!

Opzij

1. Opzij, opzij, opzij, maak plaats, maak plaats, maak plaats!
Wij hebben ongelofelijke haast.
Opzij, opzij, opzij, want wij zijn haast te laat,
wij hebben maar een paar minuten tijd.
We moeten rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan.
We kunnen nu niet blijven, we kunnen nu niet langer blijven staan.

2. Een and're keer misschien, dan blijven we wat slapen,
en kunnen dan misschien als het echt moet.
Wat over koetjes, voetbal en de lotto praten,
nou dag, tot ziens, adieu, het ga je goed.
We moeten rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan.
We kunnen nu niet blijven, we kunnen nu niet langer blijven staan.

't Peerd van ome Loeks

't Peerd van ome Loeks is dood,
Loeks is dood, Loeks is dood,
't Peerd van ome Loeks is dood,
hartstikke dood!

Gister nog goud gezond,
sloeg mit sien steert in 't rond,
't Peerd van ome Loeks is dood,
hartstikke dood!

People always ask us

Everwhere we go, people always ask us:
"Who we are, and where we come from."
And then we'll tell them:
"We come from Rotterdam, highty mighty Rotterdam!"
And if they can't hear us, we sing a little louder.

(softer, slower, faster etc.)

Pinda en Treintje

  1. Pinda liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Pinda keek niet uit helaas,
    Uh-uh-uh - Pindakaas!
  2. Besje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Besje kreeg een reuze klap,
    Uh-uh-uh - Bessesap!
  3. Nootje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Nootje zag de trein te laat,
    Uh-uh-uh - Nootmuskaat!
  4. Haver liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Dat heeft haver zeer benauwd,
    Uh-uh-uh - Havermout!
  5. IJsbeer liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Dat kwam IJsbeer slecht van pas,
    Uh-uh-uh - Baby-jas!
  6. Ansje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Ansje kreeg een klap niet mis
    Uh-uh-uh - ansjovis
  7. Philip liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Philip wist niet waar hij bleef
    Uh-uh-uh - Philishave
  8. Felix liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Felix schrok zich halluf dood
    Uh-uh-uh - kattebrood
  9. Appel liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Appel zag een zwarte poes
    Uh-uh-uh - appelmoes
  10. Erwtje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Erwtje kon niet op de stoep
    Uh-uh-uh - erwtensoep
  11. Eitje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Eitje had niet opgelet
    Uh-uh-uh - omelet
  12. Peertje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Peertje schrok zich toen erg rot
    Uh-uh-uh - perencompote
  13. Bintje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Bintje zag het treintje niet
    Uh-uh-uh - Patat-friet!
  14. Sinas liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Sinas sloeg zijn maat tot moes
    Uh-uh-uh - Orange-juice!
  15. Varken liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Varken deed een beetje stom
    Uh-uh-uh - Gehakt-half-om!
  16. Paardje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Paardje was niet meer zo vief
    Uh-uh-uh - Paardenbief!
  17. Kipje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Kipje was toen uitgeglee
    Uh-uh-uh - Kipfilet!
  18. Kersje liep langs spoorwegbaan,
    daar kwam juist een treintje aan,
    Kersje kon niet bij de rem
    Uh-uh-uh - Kersenjam!